ICM in de praktijk

Waar in de landbouwsector telers al heel lang spreken over ‘geïntegreerd telen’, gebruikt de Europese Unie de term IPM, wat staat voor Integrated Pest Management. CZAV spreekt liever van ICM, waarbij de ‘C’ staat voor ‘crop’. Volgens ons dekt deze term de lading beter. Met Integrated Crop Management (ICM) kunnen teeltmaatregelen op elkaar afgestemd worden en dit helpt om de impact op de omgeving en natuur zo laag mogelijk te houden. Dat kan door eerst te kiezen voor mechanische oplossingen, groene of biologische middelen. Als dit niet in de situatie past of als het niet werkt, dan pas kunnen chemische oplossingen worden toegepast. 

We kunnen ICM vatten in vier pijlers: 

  • Plantgezondheid
  • Diergezondheid
  • Bodemgezondheid
  • Bedrijfsgezondheid

Plantgezondheid

Een goede plantgezondheid is een cruciaal onderdeel van Integrated Crop Management. Hiervoor heeft een teler zeer specifieke kennis nodig. Die kennis kan gevat worden in: het herkennen van natuurlijke vijanden, signaleren van (gebreks-)ziekten en plagen en door te weten welke teelttechnieken nodig zijn voor een optimale groei. Tools die ondersteuning kunnen bieden zijn onder andere: een organische stofbalans via Check, whitepapers en een bodem- en gewasanalyse. 

Diergezondheid

ICM omvat veel meer dan alleen plant- en bodemgezondheid. Ook wordt bij een geïntegreerde teelt rekening gehouden met diergezondheid. Dit kan zijn door ervoor te zorgen dat de dieren niet ziek worden, maar ook een gezonde voeding en comfort spelen hierin een belangrijke rol.

Bodemgezondheid

Een weerbaar gewas begint bij een gezonde en weerbare bodem. Door het bodemleven te voeden, is het gewas minder vatbaar voor ziekten. Het maken van een profielkuil, het bestuderen van het zichtbare bodemleven zoals regenwormen en het toepassen van organische meststoffen zijn geschikte tools om de bodemkwaliteit te bevorderen.

Bedrijfsgezondheid

Als er wordt gesproken over een ‘gezond bedrijf’ dan staat de financiële situatie vaak bovenaan. Maar een gezond bedrijf betekent ook dat de continuïteit van de onderneming gewaarborgd moet blijven. Bijvoorbeeld door het hebben en opleiden van een bedrijfsopvolger. Ook de implementatie van innovaties, zoals precisielandbouw binnen de bedrijfsvoering kunnen zorgen voor een verhoogde opbrengst.